Daniël Debunkt

Dagelijkse debunks over COVID-19

Messings malicieuze manifest (6a)

Een fact-check van het manifest “CODE ROOD” van Marcel Messing in 20 delen

Deze blogpost is deel 6a in een serie fact-checks van het manifest “Code Rood” van Marcel Messing. Gezien de omvang van dit manifest, deel ik de fact-check op in aparte blogposts, per hoofstukkopje in Messings manifest. In deze aparte blogpost houd ik bij welke delen ik al gepubliceerd heb.

Deze blogpost behandelt het eerste deel van hoofdstuk 6:

Evolutietheorie: ‘ware wetenschap’?

Messing begint dit hoofdstuk met een suggestieve titel. Hij refereert daarmee aan het (ken)filosofische begrip “ware kennis“. Die wordt, bij uitstek, geproduceerd door het bedrijven van wetenschap. Messing gaat in dit hoofdstuk proberen de evolutietheorie, een van de juwelen die de natuurwetenschap heeft voortgebracht, te ondergraven — zonder enig succes, kan ik alvast verklappen.

Menselijk Genoom Project

Messing behandelt onder dit kopje werkelijk niets over het Menselijk Genoomproject (HGP), maar alleen de privé-opvattingen van de leider van dat project:

Sinds in 2013 het menselijk DNA na 13 jaar onderzoek ontcijferd was, het zogeheten ‘Human Genome Project, geleid door geneticus Francis S. Collins, voltrok zich een grote verandering in Collins’ geestelijk leven. Hij omschreef het als een gevoel alsof hij ‘op de drempel van een spirituele wereldopvatting’ stond.

De ontcijfering van het DNA had hem, op basis van wetenschappelijke gronden, tot God gebracht en had hem tevens het absolute inzicht geschonken dat een Schepper bestaat. In zijn boek De taal van God kun je hier meer over lezen. Ook is hij van mening dat nogal wat wetenschappers spiritueler zijn dan veel mensen denken, zoals Albert Einstein.

De pointe van het verhaal zoals Messing het vertelt is dat de ontcijfering van het DNA in het HGP voor Collins’ bekering zou hebben gezorgd. Dit is echter faliekant onjuist:

I spoke with Collins by phone about various scientific and religious matters — the existence of miracles, the mind of God, the ethics of stem cell research, and Collins’ own conversion to Christianity at the age of 27.

Die bekering vond dus niet plaats in 2013 of daaromtrent, maar al in 1977, lang voordat het HGP überhaupt bedacht was. Daarmee valt Messings hele betoog in het water, nog afgezien van de vraag of de rest van het verhaal klopt.

Messings bedoeling met dit hele zesde hoofdstuk lijkt te zijn om te argumenteren dat evolutie niet deugt, maar dan heeft hij met Collins toch echt een hele slechte supporter gevonden. Uit hetzelfde Salon-interview:

Evolution is about as solid a theory as one will ever see.

Wat Collins denkt over Einsteins opvatting van God is irrelevant. Einsteins biografen zijn het erover eens dat zijn geloof deïstisch is: God is de schepper van de wereld die zich daarna niet meer met zijn schepping bemoeit, welhaast een metafoor voor de natuur zoals bij Spinoza:

Albert Einstein’s religious views have been widely studied and often misunderstood.[1] Albert Einstein stated that he believed in the pantheistic God of Baruch Spinoza.[2] He did not believe in a personal God who concerns himself with fates and actions of human beings, a view which he described as naïve.[3]

Voetnoot (2) citeert onder andere een brief van Einstein aan een rabii waarin hij zijn Godsbegrip uitlegt:

Kortom: in dit korte hoofdstukje van twee alinea’s weet Messing het voor elkaar te krijgen om de religieuze opvattingen van twee vooraanstaande wetenschappers te verdraaien.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *